Kunstfestival Harare bindt strijd aan met isolationisme

mei 2010 -

Ondanks twee verkiezingen, een cholera-epidemie en de voortdurende inflatie houdt het HIFA (Harare International Festival of the Arts) nog steeds vol. Ieder festival heeft een thema, en dit jaar was het About Face. Dat duidt in dit verband op hoop, transformatie, een nieuw begin en bovenal: het verleden onder ogen zien en uitkijken naar een mooiere toekomst. Volgens oprichter en directeur Manuel Bagorro biedt het thema kunstenaars, gemeenschapsleiders en vooral creatieve denkers een platform voor een betekenisvolle uitwisseling van ideeën en opvattingen.

image

Het festivalterrein 's avonds (Foto: Margerie Vacle)

Door de groeiende interesse van buiten Zimbabwe wordt het festival in toenemende mate gezien als een platform van belang, niet alleen voor Zimbabwaanse kunst en cultuur, maar ook als een etalage en ontmoetingsplaats voor (uitvoerende) kunstenaars uit de hele wereld. Nu het politieke en economische landschap van Zimbabwe verandert, kan het festival zich bezinnen op de daadwerkelijke impact die het heeft en deze in meetbare termen vatten. Het HIFA onderhoudt op een effectieve en aantrekkelijke manier een verbinding met de regionale en internationale gemeenschap, in een tijd van stilzwijgende isolationistische retoriek in Zimbabwe.

HIFA begon in 1999 en het heeft sindsdien de Zimbabwaanse en Zuid-Afrikaanse kunstscene op stormachtige wijze veroverd. De laatste editie (27 april – 2 mei 2010) zette Harare volledig op zijn kop. Het festival ging van start met een indrukwekkende Zimbabwaanse voorstelling onder regie van het Spaanse gezelschap La Fura Dels Baus, uitgevoerd door meer dan honderd lokale zangers en dansers. De hele week stonden er uiteenlopende genres op het programma, van opera tot reggae, van ballet tot street dance, alsook toneelvoorstellingen. Het publiek danste op de muziek van Suluman Chimbetu en de legendarische Senegalese band Xalam. Emeline Michel ('de Joni Mitchell van Haïti') werd enthousiast ontvangen, evenals de beroemde Jamaicaanse dub-dichter Yasus Afari en de plaatselijke dichter Comrade Fatso.

De afgelopen periode bood het HIFA een zeldzame gelegenheid voor discussie en uitdieping van de vraagstukken die spelen in de Zimbabwaanse samenleving. Het merendeel van de locale theatervoorstellingen op het festival ging de laatste jaren over de situatie in Zimbabwe, net als de vier openingsvoorstellingen van regisseur Brett Bailey, die meer dan 5.000 toeschouwers trokken. HIFA 2010 was tot nu toe het grootste festival, met een kaartverkoop van meer dan 60.000. De Noorse ambassade presenteerde Women Calling – een fraaie mengeling van dans en jazz, Afrikaanse traditionele muziek, Noorse folk en improvisatie. De Britse ambassade en de British Council leverden The Magnets, CulturesFrance en de Franse ambassade verzorgden een optreden van de indrukwekkende Salif Keita uit Mali en de Pamberi Trust financierde het Moreira- project.

Het HIFA past op geslaagde wijze kunst en cultuur toe als een voertuig voor de vrijheid van meningsuiting en een open discussie over problemen die spelen in Zimbabwe. Het gegeven dat het festival al zijn elfde editie erop heeft zitten, voor een almaar toenemend publiek, afkomstig uit alle bevolkingsgroepen, toont aan hoe groot de behoefte is aan dergelijke vrije ruimte in Zimbabwe. Het festival is meer dan een kunstzinnige 'happening', het is een platform waar de Zimbabwanen hun idealen en dromen over ene betere toekomst kunnen neerleggen.